Grote onderhoudsronde deel 4: Een getal is nog geen antwoord...

Gestopt
Woensdag 5 Augustus 04:27:4922°74%
Taal
Thema

Grote onderhoudsronde deel 4: Een getal is nog geen antwoord...

Redactie
Een getal is nog geen antwoord...
Een getal is nog geen antwoord...

Daar zijn we (weer) met een verse lijst updates, bugfixes , verbeteringen en nieuwe features....

In deel 1 ging het over nieuwe functies, in deel 2 over begrijpen wat je ziet, en in deel 3 over repareren wat er stukging. Dit vierde bericht gaat over iets wat daar net naast ligt, en waar we deze ronde steeds weer tegenaan liepen: een getal dat er staat, is nog geen antwoord.

Want er ging op deze site verrassend veel niet stuk, en klopte tegelijk toch niet. Er knipperde een groen stipje bij de GPS-klok dat er alleen maar knipperde omdat het mooi stond. Er stond "-1" in een kolom die van 0 tot 100 loopt, wat leest als een rapportcijfer terwijl het "geen oordeel" betekende. Er stond 0,0 MHz waar "we weten het niet" bedoeld werd, en dat las als "dicht". En elke avond opnieuw meldde de propagatiepagina dat de condities verslechterden, terwijl dat gewoon de zonsondergang was. Geen van die dingen gaf een foutmelding. Ze deden het allemaal prima. Ze zeiden alleen niets, of net iets anders dan wat je las.

Daar gaat dit bericht over, en dat werkt twee kanten op. Aan de ene kant staat er nu bij elk getal wat het waard is: gemeten of aangenomen, een schatting of een echte meting, geen dekking in plaats van een nul, en veel of weinig voor dít uur in plaats van in het algemeen. Aan de andere kant is er flink gesleuteld aan de pagina's die je een berg data voorschotelden en het verder zelf lieten uitzoeken. Niet meer één lange lijst met alle misdrijven waar je doorheen scrolt maar een zoekveld en filters die je bij het stuk brengen dat je zocht, niet meer één bruikbare frequentie voor "een pad van 3000 kilometer" maar de route waar jij daadwerkelijk heen wilt, en niet meer een kalender met alles erin maar eentje die je naar je eigen hobby vormt.

Dit is meteen het langste bericht in de reeks tot nu toe, en dat is geen toeval. Er is de afgelopen dagen veel gebouwd, en zeker zo veel opnieuw gebouwd. Sommige dingen hieronder staan er pas in hun derde uitvoering, een enkele in de vierde, en een paar zijn onderweg helemaal weer weggegooid. Dat hoort erbij op een site waar met opzet geëxperimenteerd wordt, zoals in deel 3 al uitgebreid aan bod kwam: nieuwe dingen brengen nieuwe fouten mee, en dat is geen ongelukje maar de werkwijze. Kom je dus iets tegen dat raar of onlogisch aanvoelt, trek het je niet aan en ga er niet mee worstelen. Het wordt vanzelf gerepareerd.

Er zitten flink wat uren in deze ronde. Of dat gelukt is, merk je vooral aan wat je níét meer hoeft te doen: zoeken in een lijst, zelf iets aannemen, of je afvragen of dat getal op je scherm eigenlijk wel betekent wat er staat.


Misdaadcijfers: niet meer scrollen, maar zoeken en filteren

De pagina met misdaadcijfers toonde wat er per wijk en buurt in Dordrecht aan misdrijven bij de politie geregistreerd staat. Dat was ook precies het probleem: hij toonde het. Eén lange lijst, en verder zoek je het zelf maar uit. Wilde je weten waar in de stad relatief veel wordt ingebroken, dan zat je te scrollen en te tellen.

Dat scrollen is er nu grotendeels af, want je kunt zoeken en filteren. De grootste verandering zit in het zoekveld: dat zoekt niet alleen op wijk of buurt, maar ook op soort misdrijf, tot op detailniveau. Typ je "woninginbraak", "straatroof" of "autokraak", dan klappen alle gebieden open waar dat voorkomt, met alléén dat misdrijf erin, op volgorde van aantal. In één handeling zie je waar het speelt. Niets ingewikkelds dus, gewoon een zoekveld dat op meer dingen zoekt dan alleen op een plaatsnaam.

Verder:

  • Wijken of buurten, zelf te kiezen. Die keuze stuurt ook de kaart, zodat kaart en lijst altijd hetzelfde gebiedsniveau laten zien, eerder konden die uit elkaar lopen.
  • Buurten sorteren op aantal, of groeperen per wijk, net waar je naar op zoek bent.
  • Kerncijfers en een verloop over twee jaar bovenaan, met een trendlijn erbij die laat zien welke kant het op gaat. Eén maand zegt namelijk vrij weinig.
  • Eerdere maanden opvragen per wijk.
  • Een inhoudsopgave in het menu links, want de pagina is lang geworden.

En de kaart laadt merkbaar sneller. Wie de pagina vaker opent hoeft de gebiedsgrenzen niet telkens opnieuw op te halen, en de informatieballonnetjes worden pas gemaakt op het moment dat je ergens op klikt in plaats van allemaal vooraf. Meteen meegenomen: de uitklapbare stukken werken nu ook met alleen het toetsenbord en worden netjes voorgelezen door een schermlezer.

Ook opnieuw vormgegeven: het overzicht van de wijkagenten in de regio. Dat stond in een tabel met een kolommetje foto ernaast, en dat werkt niet, een gezicht in een tabelcel leest als een gegeven, terwijl er een mens achter zit die je kunt bellen. Het zijn nu kaartjes: foto, naam, het gebied waar diegene voor staat en het telefoonnummer als aanklikbare link, zodat je vanaf je telefoon meteen kunt bellen. Via de naam kom je op de eigen pagina van de wijkagent bij de politie.

Het stuk waar wat ons betreft de meeste winst zit, staat onderaan. Daar wordt per categorie uitgelegd wat er nu eigenlijk onder valt (wat is horizontale fraude) en waarom de totalen op de pagina onderling niet op elkaar aansluiten. Dat laatste is geen fout maar een gevolg van hoe de cijfers worden bijgehouden, en zonder die uitleg ga je zitten zoeken naar een rekenfout die er niet is.

Blijft staan, en dat kan niet vaak genoeg herhaald worden: dit zijn geregistreerde misdrijven. Wat niet gemeld wordt, staat er niet in. Een buurt met hoge cijfers kan een buurt zijn waar veel gebeurt, maar net zo goed een buurt waar mensen consequent aangifte doen.

Bronnen bij dit onderdeel: CBS Open Data (geregistreerde misdrijven per wijk en buurt, en de wijk- en buurtkaart) en de Politie.

Burgernet: een oproep zie je nu overal op de site

Op Burgernet staan de politieoproepen waarvan het zoekgebied Dordrecht beslaat, een vermist kind, een verwarde man die niet gevonden wordt, een verdachte na een inbraak. Het nut daarvan zit hem volledig in snelheid: een oproep die je een dag later leest, is een oproep waar je niets meer mee kunt.

Precies daar zat het probleem. Je moest de pagina zelf openen om te zien of er iets speelde. Dat is nu andersom: loopt er een oproep, dan zie je dat op elke pagina van de site, in de strook onder de menubalk. Even met de muis erover en je leest waar het over gaat, klik erop en je zit op het volledige bericht.

Bij het aansluiten daarvan kwamen twee dingen boven water die er los van stonden.

De melding gaf zichzelf op na de eerste klik. Bleef je op één pagina, dan werd hij netjes bijgewerkt; klikte je door naar een andere pagina, dan bevroor hij. Niet zichtbaar, want er stond gewoon nog een melding, alleen niet meer de actuele. Uitgerekend bij het soort bericht waar dat het meest uitmaakt.

"Geen meldingen" betekende twee heel verschillende dingen. Er was geen enkel verschil te zien tussen er speelt op dit moment niets en we krijgen de gegevens niet binnen. Een lege pagina las als geruststelling, terwijl het net zo goed een storing kon zijn. Nu staat erbij welke van de twee het is. Dat is dezelfde les als in deel 3, en hij blijft terugkomen: een storing die zichzelf niet meldt, is het echte probleem.

Tot slot iets waar we zelf niet blij mee waren. Voor het testen van de opmaak bestaat een weergave met verzonnen meldingen erin, geloofwaardige politieteksten met signalement en al. Die was voor iedereen op te roepen. Wie de juiste link deelde, kon daarmee een scherm laten zien dat niet van een echte vermissingsoproep voor Dordrecht te onderscheiden was. Dat is precies het soort screenshot waar je liever niet aan meewerkt. De testweergave is nu afgeschermd, en wie hem wél krijgt, ziet er een waarschuwing boven staan die niet weg te knippen valt.

Voor alle duidelijkheid: deze pagina is een spiegel, geen kanaal. Wil je echt meehelpen zoeken, meld je dan aan bij Burgernet zelf, daar krijg je de oproepen die bij jouw buurt horen, en op tijd.

Bronnen bij dit onderdeel: Burgernet (politie, gemeenten en burgers).

Schalen de hulpdiensten op, dan zie je dat meteen

In deel 3 kwam de term al langs: GRIP, de code waarmee de hulpdiensten aangeven dat een incident groter is dan één ploeg aankan. Dat loopt in stappen. Bij GRIP 1 stemmen de diensten hun aanpak ter plaatse op elkaar af. Bij GRIP 2 wordt ook alles bestreden wat buiten de plek van het incident gebeurt, denk aan rook die over een woonwijk trekt. Bij GRIP 3 is het welzijn van een grote groep inwoners in het geding en neemt de burgemeester het met een beleidsteam over. Bij GRIP 4 loopt het over de gemeentegrens heen en gaat de voorzitter van de veiligheidsregio erover.

Die meldingen stonden al op P2000 GRIP en kwamen voorbij in de nieuwsbalk onderaan de pagina. Alleen: dan moet je daar net naar kijken op het moment dat het langskomt. Sinds deze ronde staat een lopende opschaling in de strook onder de menubalk, op elke pagina van de site, naast de aftellers die daar al stonden. Precies zoals de Burgernet-oproep en de traumahelikopter uit de vorige delen.

Niet alles trouwens. GRIP 1 blijft eruit: dat is dagelijkse kost, meerdere keren per week ergens in het land, en een strook die daar telkens rood van kleurt kijk je binnen een week niet meer aan. Vanaf GRIP 2 verschijnt de melding, in oranje. Vanaf GRIP 3 wordt hij rood met een knipperend icoon, dezelfde opmaak als een lopende Burgernet-oproep.

Blijf je er met de muis op hangen, dan staat er wat je wilt weten: welk niveau het is en wat dat betekent, waar het speelt, waar het over gaat, hoe lang het al loopt en wanneer het laatste bericht erover binnenkwam. Dat laatste is niet voor de sier. Het is het antwoord op de vraag of dit nog actueel is of dat je naar een restje van vanmiddag kijkt.

Want daar zit het venijn van dit soort meldingen. Een opschaling wordt wel omgeroepen, maar een afschaling niet: er komt geen bericht dat het voorbij is. Stilte is het enige einde dat er is. Daarom verdwijnt de melding drie uur nadat het laatste bericht erover binnenkwam. Komen er in die tijd nieuwe berichten, dan schuift dat venster mee en blijft de melding staan zolang het incident loopt. Dat is een keuze en geen wetenschap: kort genoeg om niet dagenlang een afgelopen incident te tonen, lang genoeg om een brand die uren duurt niet halverwege van het scherm te halen.

En een incident dat opschaalt blijft één incident. De natuurbrand bij Venray die op 4 augustus van GRIP 2 naar GRIP 3 ging, gaf drie soorten berichten: eentje op elk niveau. In de strook staat daar één melding voor, op het zwaarste niveau dat is bereikt, met de tijd van het laatste bericht erbij. Drie meldingen naast elkaar over hetzelfde bos zouden alleen maar suggereren dat er drie dingen aan de hand zijn.

Bronnen bij dit onderdeel: P2000-alarmeringen uit onze eigen ontvangers · het Referentiekader GRIP voor de betekenis van de niveaus.

De sprekende klok heeft nu een eigen telefoonlijn

Wie oud genoeg is, kan het nummer nog dromen. Je belde, je kreeg een stem die de tijd omriep, en dan die toon ("bij de volgende toon is het...") waarop je je horloge gelijkzette. Die tijdmelding staat op deze site nagebouwd: het hele belritueel, van kiestoon tot slottoon, en die slottoon valt exact op de seconde.

Alleen zat hij verstopt achter een knop op de GPS Klok-pagina, en dat is bij nader inzien een vreemde plek. Die pagina gaat over hoe nauwkeurig tijd tegenwoordig te meten valt, tot in de milliseconden. De sprekende klok gaat over precies het tegenovergestelde gevoel: hoe je dat vroeger deed, met een telefoon aan je oor.

Daarom staat hij nu op een eigen pagina, sprekende klok, bij de andere retrozaken waar hij thuishoort. De telefoon staat meteen open, geen knop meer om eerst te vinden. En er staat een klok boven, dezelfde die op de GPS-pagina de tijd tot op de milliseconde bijhoudt. Dat is geen versiering: de stem noemt een tijd, en je moet kunnen controleren of die ook echt klopt. Hij klopt.

Bronnen bij dit onderdeel: de eigen tijdserver, die zijn tijd rechtstreeks van de satellieten haalt.

GPS Klok: het blok dat al die tijd op streepjes stond

De GPS Klok houdt daarmee over waar hij voor bedoeld is: laten zien hoe nauwkeurig tijd te meten valt als je hem rechtstreeks van de satellieten haalt, in plaats van van een server ergens op internet.

Onder die klok hoort een blok met details te staan, hoe de ontvanger ervoor staat, welke satellieten in zicht zijn, hoe stabiel de tijdpuls binnenkomt. Dat blok stond voor het grootste deel op streepjes. Alleen het aantal satellieten en de status van de fix vulden zich; de rest bleef leeg. Zonder foutmelding, zonder lege pagina. Gewoon een rij streepjes die er precies zo uitzag als een waarde die er nog niet was. Dat is weer opgelost, en er staan meteen meer meetwaarden in dan eerst: hoe lang geleden de laatste tijdpuls binnenkwam, wanneer de ontvanger voor het laatst met de satellieten gelijkliep, de gemeten hoogte en hoe het kastje er verder voor staat.

Het leukste is een klein groen stipje rechtsboven in de klok. Dat stond er al, maar het was decoratie. Het knipperde omdat het mooi stond. Nu knippert het mee met de werkelijke puls uit de GPS-ontvanger, precies op de secondegrens, met een zachte nagloei. Komt er geen puls binnen, dan dooft het. Wat een plaatje was, is een meetinstrument geworden.

Verder is er gesleuteld aan leesbaarheid. De klok liet drie cijfers achter de seconde zien, en dat rolt zo snel voorbij dat je er niets van meekrijgt; dat is er één geworden. En de getallen op de pagina gebruiken nu een Nederlandse decimaalkomma in plaats van een punt.

Tot slot de uitleg onderaan, over hoe tijd over internet wordt verdeeld. Daar staat nu per onderdeel bij waar het vandaan komt, en er stonden twee fouten in. De eerste is er eentje om te onthouden: er stond dat het pulsstipje links van de klok zit, terwijl het rechts staat. De tweede was inhoudelijk, een schrikkelseconde wordt aan het eind van de máánd ingelast, niet aan het eind van de dag. Beide gecorrigeerd.

Bronnen bij dit onderdeel: de eigen tijdserver met GPS-ontvangst, en het landelijke referentienet voor satellietnavigatie.

Het weer staat nu overal waar je toch al kijkt

Bovenin de pagina, rechts van de klok, stond altijd al de temperatuur. Nou ja, temperatuur: er stond een thermometertje bij, en daar viel weinig aan af te lezen wat het rondje met het getal niet al zei. Dat thermometertje is vervangen door het weer zelf. Is het bewolkt, dan zie je bewolking; regent het, dan zie je regen; en 's nachts krijg je de nachtvariant, met een maan in plaats van een zon. Eén blik en je weet het, zonder de zin te lezen.

Blijf je er met de muis op hangen, dan klapt er een stuk meer open dan er ooit stond. De gevoelstemperatuur, en die wordt alleen genoemd als hij ook echt afwijkt van wat de thermometer zegt, anders is het ruis. De wind in Beaufort, met de richting uitgeschreven in woorden in plaats van in graden, want "uit het zuidwesten" zegt iets en "232°" niet. Bewolking, luchtdruk, en hoe laat de zon op- en ondergaat. Neerslag staat er alleen bij als er ook echt iets valt: een regel "0 mm" bij droog weer is geen informatie, en juist het ontbreken van die regel is het antwoord.

Klein detail waar wel over nagedacht is: die gegevens ververst de pagina zelf om de zoveel minuten, en dat gebeurt precies zoals het bij het laden van de pagina ging. Zag je eerst "licht bewolkt" en daarna ineens een ander icoon bij dezelfde waarde, dan zou je terecht denken dat er iets niet klopt. Nu kan dat niet meer verschillen.

En dan het onweer. Op de weerpagina staat een kaart die blikseminslagen laat zien zodra ze gemeten worden, en de manier waaróp is aangepakt. Een inslag is nu een korte felle flits die opzwelt en binnen een halve seconde wegsterft, zoals het buiten ook gaat. Daarna dijt er een ring uit vanaf de plek van de inslag, en die ring loopt op de snelheid van het geluid. Je kunt dus letterlijk meekijken wanneer de klap bij jou aankomt. Wat er van een inslag overblijft is een stip, en de kleur daarvan zegt hoe dichtbij het was. Klik erop en je ziet de afstand, uit welke windstreek het kwam en hoe laat het was. Die stippen houden bovendien hun formaat als je in- of uitzoomt, zodat een ver weg gelegen onweersfront niet in het niets verdwijnt zodra je uitzoomt om het geheel te zien.

Bronnen bij dit onderdeel: het weerbeeld en de gegevens in de balk komen van OpenWeatherMap, de blikseminslagen van het Blitzortung-netwerk.

De nodelijst is een overzicht geworden waar je iets mee kunt

Op Realtime Nodes & Kaart staan de apparaten die zich in het LoRa-netwerk kenbaar maken. Dat zijn er inmiddels honderden, en daar wrong de schoen: de pagina zette ze allemaal tegelijk op het scherm en liet je verder zelf zoeken. Zoeken en sorteren werkten bovendien alleen over het stukje dat je toevallig voor je had, niet over de hele lijst. Je kon dus een node missen die er wel degelijk was.

Dat is omgedraaid. De lijst laadt nu in blokken bij terwijl je scrollt, en zoeken en sorteren gaan over álles. De kaart doet mee: filter je op een naam of op een rol, dan verdwijnen de andere stippen ook, zodat lijst en kaart hetzelfde verhaal vertellen.

Onder de kaart staan nu een paar knoppen die eerder niet bestonden. Je kunt het clusteren van dicht bij elkaar liggende nodes aan- en uitzetten, en je kunt kiezen of de namen bij de nodes staan, altijd, nooit, of alleen als er ruimte voor is. Dat laatste stond voorheen vast aan, en met honderden apparaten leverde dat een muur van tekst op waar de kaart zelf onder verdween. De kaartlagen zijn dezelfde als bij het openbaar vervoer: rustig, licht, donker en satelliet, en ze lopen mee met het donkere thema.

Verder een reeks dingen die klein klinken maar het gebruik schelen. De eigen ontvanger stond als een lege regel tussen de nodes in en heeft nu een eigen strook boven de tabel, waar hij thuishoort. Bij "Adverts" staat er nu bij over welke periode het gaat (de afgelopen zeven dagen) in plaats van het nietszeggende "de observatieperiode". Het filter op path hash mode kende alleen 2-byte aan of uit, waardoor apparaten met 1 of 3 byte simpelweg onvindbaar waren; alle drie kunnen nu. De exportknop geeft precies wat je filter oplevert in plaats van iets anders. En de knop bij een node brengt je rechtstreeks naar het ruwe pakket, voor wie wil zien wat er letterlijk over de lucht kwam.

Bronnen bij dit onderdeel: het eigen ontvangststation in Dordrecht.

De berichten die er nooit in kwamen

Op ontvangen berichten staat wat er over het mesh-netwerk aan kanaalberichten voorbijkomt. Daar zat een filter op dat rommel moest tegenhouden, berichten die niet goed ontcijferd zijn en als een reeks vreemde tekens binnenkomen. Op zich verstandig. Alleen keek dat filter naar het verkeerde.

Het rekende namelijk alles buiten het gewone Latijnse alfabet als rommel. Emoji dus, maar ook Grieks, Cyrillisch en Chinees. En het keek naar de verhouding: hoe korter het bericht, hoe zwaarder één zo'n teken meewoog. Het gevolg laat zich raden. Stuurde je "Klaar ✅", dan haalde dat vinkje de drempel en verdween je bericht. Zette je hetzelfde vinkje achter een langere zin, dan bleef het gewoon staan. Wie iets in het Grieks stuurde was per definitie kansloos.

Erger was waar dat gebeurde: niet bij het tonen, maar bij het opslaan. Het bericht werd weggegooid voordat het ergens werd vastgelegd, en was daarmee weg. Niet terug te halen, niet later alsnog te bekijken. Er verdwenen op die manier zo'n vijftig berichten per uur, voornamelijk verkeer op kanalen waarvan wij de sleutel niet hebben, maar dus ook af en toe iets van iemand die simpelweg een vinkje gebruikte.

Nu wordt alles bewaard en gebeurt het beoordelen pas bij het tonen, waar het thuishoort. Het filter kijkt niet meer naar taal of tekenset maar naar wat écht op een mislukte ontcijfering wijst. En je kunt het zelf uitzetten: bovenaan staat een knop Spam verborgen / Spam zichtbaar, met een teller ernaast die laat zien hoeveel er is weggenomen en welk deel van het verkeer dat is. Zet je hem om, dan zie je meteen wat er onder zat, geen wachten op nieuw verkeer, want het staat er al.

Berichten op een kanaal waarvan we de sleutel niet hebben komen nu ook binnen. Lezen kunnen we ze niet, maar je ziet nu wel dát ze er zijn, onder "onbekende kanalen". Dat is eerlijker dan doen alsof het stil is op die kanalen.

Waar het op neerkomt: een filter dat zijn werk stil doet, is een filter dat je niet kunt controleren. Nu is het zichtbaar, omkeerbaar, en gooit het niets meer weg.

Bronnen bij dit onderdeel: het eigen ontvangststation in Dordrecht.

Draai ik nog de nieuwste MeshCore-firmware?

Draait er bij jou een MeshCore-node, dan komt er één vraag steeds terug: is er alweer iets nieuws uit? Je node doet gewoon zijn werk, dus je merkt het niet, en om het te controleren moet je een releasepagina langs en twee appwinkels. Daarvoor staat MeshCore Software al een tijdje op de site: alle actuele versies naast elkaar, met de datum en de release notes erbij, zodat je in één oogopslag ziet of je achterloopt. Die pagina heeft nu een flinke opknapbeurt gehad.

Om die vraag te kunnen beantwoorden moet je wel weten wélke versie voor jou telt, en daar begint de pagina nu mee. Er zijn drie firmwares, en welke je nodig hebt hangt niet af van je apparaat maar van wat je dat apparaat wilt laten doen. Companion is de gewone keuze, een node die je via Bluetooth of USB aan de app op je telefoon hangt en waarmee je zelf berichten stuurt. Repeater maakt er een doorgeefstation van dat zelf niets verstuurt maar het bereik van iedereen vergroot. Room Server draait een gedeelde ruimte waar berichten blijven staan, zodat iemand die later aansluit ze alsnog ziet. Ze verschijnen alle drie tegelijk en dragen hetzelfde versienummer, dus als je drie kaarten met dezelfde datum ziet staan is dat geen vergissing.

Blijkt er inderdaad iets nieuwers te zijn, dan staat er ook bij hoe je het erop krijgt. Dat doe je met de Web Flasher, een tool van MeshCore zelf waar wij alleen naar verwijzen: node aan de USB, bord kiezen, klaar. Eén ding is handig om vooraf te weten, want anders ben je er een avond mee bezig: die tool laat de browser rechtstreeks met de seriële poort praten, en dat kunnen alleen Chrome, Edge en andere browsers op Chromium. In Firefox en Safari lukt het niet. Dat is niets wat aan onze kant op te lossen valt, het zit in de browsers zelf, dus pak er een Chromium-browser bij en het gaat vanzelf.

Voor de app is er hetzelfde verhaal voor Android en iPhone, mét de lijst met wat er per versie veranderd is. De datums staan er in het Nederlands bij in plaats van in het Engels, en de verwijzing naar de uitgebreide release notes is gewoon een link geworden in plaats van een kale URL midden in de tekst. Verder is de hele pagina opnieuw vormgegeven, met een eigen kleur per kaart: de appwinkels dragen nu hun eigen groen en blauw, dus je ziet aan de kleur al waar je klikt.

En wie die vraag helemaal niet meer zelf wil stellen, laat het zijn eigen machine doen: dezelfde gegevens zijn als JSON op te vragen. Die is bewust vrij toegankelijk. We hebben ook een variant die achter een bezoekerstoken zit, en die werkt prima zolang het onze eigen pagina's zijn die hem gebruiken, maar niet voor iemand die dit vanaf zijn eigen machine wil ophalen. Deze staat dus gewoon open, net als de pagina zelf.

Wat er verder in dat antwoord zit is misschien wel het aardigste. Er staat een blokje bij over hoe vaak je het zou moeten opvragen: het advies is één keer per uur, een kwartier is de ondergrens, we halen zelf elke drie uur op en er staat bij wanneer onze volgende ronde is. Vaker vragen levert dus letterlijk niets nieuws op. En vraag je hem opnieuw op met de kenmerkcode die je de vorige keer meekreeg, dan krijg je een leeg antwoord terug dat zegt dat er niets veranderd is. Dat scheelt jou verkeer en ons ook. Zulke informatie hoort er wat ons betreft gewoon bij als je zelf een feed aanbiedt, in plaats van dat iedereen het maar moet raden.

Bronnen bij dit onderdeel: de releases van MeshCore op GitHub · de app in Google Play en de App Store · release notes op blog.meshcore.io.

Geluid als er iets binnenkomt

Op de pagina's waar een stroom meldingen binnenkomt kon je al geluid aanzetten, maar alleen op P2000, en de andere pagina's hadden hooguit één pieptoon. Die keuzelijst is nu gedeeld: DX Cluster, ontvangen berichten en Realtime Nodes hebben dezelfde geluiden gekregen, met een eigen volume en een eigen keuze per pagina. Wat je op de ene pagina instelt, staat de andere niet in de weg.

Op het DX Cluster is er iets bijgekomen dat daar en nergens anders thuishoort: de roepletters van het gespotte station in morse, achter het attentiegeluid aan. Voor wie de code kent is dat sneller dan kijken, je hoort wie er zit terwijl je met iets anders bezig bent. De snelheid is instelbaar; standaard staat hij op een tempo waarop een gemiddelde roepnaam in bijna drie seconden voorbij is.

Dat laatste is meteen het lastige eraan, want op een drukke band komen de spots sneller binnen dan dat. Daar zit nu een wachtrij tussen: meldingen gaan netjes op volgorde in plaats van door elkaar heen, hetzelfde station wordt niet twee keer achter elkaar geseind (op een cluster melden vaak vijf mensen dezelfde DX binnen een paar tellen) en loopt de rij te ver achter, dan slaat hij over. Liever een gemiste spot dan een morsesignaal van twee minuten geleden.

Bronnen bij dit onderdeel:(n.v.t., eigen werk)

Zendbeperkingen staan nu gewoon in je agenda

Een paar keer per jaar zijn er stukken van de amateurbanden tijdelijk niet te gebruiken, omdat er iets anders op die frequenties gebeurt, een oefening, een meting, een evenement. De RDI publiceert dat vooraf, en op zendbeperkingen staat die lijst overzichtelijk bij elkaar. Het probleem met zo'n lijst is alleen dat je hem moet openen om er iets aan te hebben. Je onthoudt niet uit jezelf dat er over drie weken een beperking op 13cm ingaat.

Daarom kun je die beperkingen sinds deze ronde in je eigen agenda zetten. Dat kon in aanleg al, maar het was een proefsel: het werkte in de ene agenda-app wel en in de andere niet, en er stond geen fatsoenlijke knop voor op de pagina. Dat is nu allemaal rechtgetrokken. De feed is getoetst aan de standaard waar agenda-apps zich aan houden en doet het in Google Agenda, Apple Agenda en Outlook. Op de pagina staat een blok met abonneerknoppen: één klik voor je eigen agenda, een link om te kopiëren als je hem ergens anders wilt plakken, en een losse download voor wie liever eenmalig een bestand invoert.

Het verschil tussen abonneren en downloaden is de moeite waard om te weten. Een download is een momentopname; verandert er daarna iets, dan merk je dat niet. Bij een abonnement haalt je agenda-app de lijst zelf periodiek opnieuw op, en dan lopen wijzigingen vanzelf mee.

Precies daar zat nog een venijnig detail. Corrigeerde de RDI achteraf een datum (dat gebeurt) dan verscheen die beperking er als een tweede afspraak náást de oude in. Je agenda liep vol met dubbelingen en je wist niet meer welke van de twee klopte. Een afspraak wordt nu herkend als dezelfde afspraak, ook als de datum verschuift, zodat een correctie het bestaande item bijwerkt in plaats van er eentje bij te zetten.

Verder is de pagina zelf opgeknapt. Bovenaan staan vier kerncijfers, zodat je in één oogopslag ziet of er iets loopt of aankomt. Achter elke frequentie staat nu de amateurband waar het om gaat (13cm, 70cm, 4m) met een link door naar het bandplan; de RDI noemt zelf alleen het aantal megahertz, en dat is voor lang niet iedereen meteen een band. De tabel is sorteerbaar en zet lopende beperkingen vooraan, met erachter hoe lang het nog duurt ("over 9 dagen"). En de uitleg onderaan, die eerst als een lap tekst onder de tabel stond, zit nu in uitklappers: open wat je wilt weten, en laat de rest dicht.

En voor wie er zelf iets mee wil bouwen: naast het agenda-abonnement is dezelfde lijst ook als JSON op te vragen. Beide links staan onderaan de pagina, in de uitleg over waar de gegevens vandaan komen.

Bronnen bij dit onderdeel: Rijksinspectie Digitale Infrastructuur (RDI), beschikbaarheid frequenties radiozendamateurs.

Het ruimtestation: welke radio staat er nu eigenlijk aan?

Boven ons hoofd hangt het enige bemande object waar je met een simpele antenne zelf iets van kunt opvangen, en op ISS staat wanneer het over Dordrecht komt. Die pagina heeft deze ronde een flinke opknapbeurt gehad, en het meeste daarvan gaat over eerlijk zijn over wat je laat zien.

Het zichtbaarste eerst: de kaart. Die stond altijd in het donker, ook als je de site in lichte modus gebruikt, wat op een lichte pagina een groot zwart gat opleverde. De kaart volgt nu gewoon het thema, en je kunt zelf kiezen tussen een rustige, een lichte, een donkere en een satellietondergrond. Kies je bewust voor satelliet, dan blijft die staan als je het thema omzet. Verder schaalt de kaart mee met je scherm in plaats van een vaste hoogte aan te houden, en de passagetabel is op een telefoon leesbaar geworden.

Nieuw is het blok Staat het nu aan?. Daar staat van elke radio aan boord in welke stand hij op dit moment staat, rechtstreeks van de amateurorganisatie die de apparatuur op het station beheert. Dat klinkt als een detail, maar het is meestal het antwoord op de vraag waar het altijd op uitdraait: waarom hoor ik niets? Dan blijkt de repeater uit te staan vanwege een ruimtewandeling, of omdat er die dag een schoolcontact gepland is. Voorheen zat je dan naar een frequentie te luisteren waar niets gebeurde en wist je niet of het aan jou lag.

Dat blok liet meteen zien waarom een vaste frequentietabel nooit het hele verhaal vertelt. Op de dag dat het werd aangesloten, zond een van de radio's zijn positieberichten niet uit op de gebruikelijke frequentie in de 2 meterband, maar tijdelijk op 70 centimeter, omdat hij nog getest werd. Precies het soort afwijking dat je nergens ziet als je op een lijstje afgaat. De tabel houdt daarom de normale waarden aan en verwijst voor "wat doet hij nu" naar het statusblok.

Bij die gelegenheid zijn alle frequenties nagelopen bij de amateurorganisaties die erover gaan, en er stond meer op de pagina dan er was. Er hangt namelijk niet één radio aan boord maar meerdere: naast de bekende in de Europese module staat er een tweede in de Russische, en er is ook nog een zender voor amateurtelevisie die beeld uitzendt in de 13 centimeterband. Bij de plaatjes die het station soms uitzendt staat nu welk formaat dat is, zodat je je ontvangprogramma goed kunt zetten. En voor wie zelf wil proberen een verbinding te maken: de zendfrequentie van de bemanning verschilt per deel van de wereld, en dat stond er wel bij maar zonder de getallen erbij.

Ook uitgebreid is de uitleg over dopplerverschuiving, het verschijnsel dat de frequentie verloopt doordat het station met bijna 28.000 kilometer per uur naar je toe komt en daarna weer weg. Daar staat nu bij hoe dat in de praktijk werkt: de verschuiving is het grootst als het station opkomt, is nul op het moment dat het recht boven je dichtstbijzijnde punt zit, en draait daarna om. Je stemt dus niet vanaf het begin dezelfde kant op.

Tot slot iets waar we in deze reeks steeds op terugkomen: waar de getallen vandaan komen. De passagetijden zijn niet zomaar een tabel, ze worden berekend uit de baangegevens van het station, en die worden regelmatig bijgewerkt. Nu staat erbij van wanneer de gebruikte gegevens zijn en hoe oud ze zijn. Dat is relevant, want na een baancorrectie loopt een oude berekening tientallen seconden uit de pas. En bij de zichtbare passages staat er nu eerlijk bij dat de schaduwberekening een benadering is: grensgevallen vlak na zonsondergang kunnen er net naast zitten. Liever dat, dan een tijd tot op de seconde die zekerheid suggereert die er niet is.

Bij het naspelen van dat alles kwam een tweede ding boven water, en dat was het aardigste van de hele middag. De pagina zei: de komende tien dagen valt er niets te zien. Dat klopte ook, alleen was het maar de halve waarheid. De berekening keek tien dagen vooruit, en zichtbaarheid komt nu eenmaal in periodes: het station komt wekenlang alleen overdag over, en dan opeens elke ochtend in de schemering. Op 4 augustus stond de teller op nul zichtbare passages in tien dagen. Rekenden we een maand door, dan waren het er zesentwintig, waarvan de eerste op 19 augustus. Je hoorde dus pas op het laatste moment dat er iets te zien was.

De berekening kijkt nu een maand vooruit. Daar zit een ruil aan vast die we er eerlijk bij zetten: de baangegevens van het station zijn een dag of tien betrouwbaar, en daarna kan de klok gaan schuiven, zeker als het ISS zijn baan bijstuurt. Vandaar dat er achter zulke tijden een plusminus staat. De dag en de richting kloppen, de tijd wordt vanzelf scherper naarmate de datum dichterbij komt, want de baan wordt elk uur opnieuw doorgerekend.

De passagetabel toont daardoor niet meer de eerste tien passages maar allemaal, in een eigen scrollvenster met een kop die blijft staan. En bij een passage die niet te zien is, staat nu waarom niet: het is dan nog te licht, of het station zit in de schaduw van de aarde. Twee voorwaarden moeten namelijk tegelijk gelden, en welke van de twee ontbreekt is precies wat je wilt weten.

Daar hoort meteen een misverstand bij dat we zelf bijna maakten. Niet zichtbaar is niet hetzelfde als niets mee te doen. Voor radiocontact via de repeater, APRS of de plaatjeszender maakt daglicht helemaal niets uit: elke overkomst boven de horizon is te werken, alleen het kíjken vraagt een donkere hemel. De agenda-afspraken zeggen dat nu ook met zoveel woorden.

Van die agenda zijn er trouwens twee. Wil je het station zien, dan neem je de zichtbare passages: een handvol per maand. Wil je het werken, dan neem je alle overkomsten, met in elke afspraak of hij te zien is en zo niet waarom niet, plus hoe hoog hij komt en uit welke richting. Beide staan ook in de Ham Events-kalender, die de volledige lijst gebruikt.

Bronnen bij dit onderdeel: baanelementen van Celestrak · de stationsstatus, de frequenties en de dopplergegevens van ARISS en AMSAT · eigen berekening voor de passages en de zichtbaarheid.

De evenementenkalender laat zich nu naar je eigen hobby vormen

Op Ham Events komen de agenda's van een stuk of twaalf clubs, verenigingen en contestkalenders samen. Dat is meteen het probleem met zo'n verzamelkalender: wat voor de een de kern is, is voor de ander ruis. Wie nooit contest doet, kijkt tegen honderden contesten aan. Wie juist alleen contest doet, moet daar de Belgische vriendenrondes tussenuit vissen.

Boven de kalender staat daarom nu een rij met alle bronnen. Eén klik zet er een uit, nog een klik zet hem weer aan, en de kalender tekent zichzelf meteen opnieuw. De tabel eronder gaat mee, inclusief het aantal resultaten, zodat het getal klopt met wat je ziet. Je keuze wordt in je eigen browser bewaard: kom je morgen terug, dan staat de kalender nog steeds zoals jij hem hebt gezet. Er gaat niets naar ons toe en er verandert niets voor een ander.

Nieuw in die rij: de agenda van VERON afdeling 12 Dordrecht, met de clubavonden, lezingen en velddagen. Dat is de eigen afdeling, dus die hoorde er eigenlijk al lang in te staan. En de ISS-passages uit het vorige hoofdstuk staan er nu ook in, allemaal, want voor radiocontact is elke overkomst bruikbaar.

Het zoek- en filterblok onder de kalender is meteen meegegaan met de rest van de site: geen kaart meer met vier gelabelde velden onder elkaar, maar één smalle balk met het zoekveld, de bronkeuze, een knop voor meerdaagse evenementen en een knop om alles te wissen, met het aantal resultaten erachter. Datzelfde balkje staat op P2000 en op een paar andere pagina's, en het scheelt hier ruim honderd pixels hoogte, zodat de tabel eerder in beeld staat.

Twee kleinigheden die opvielen toen we er toch in zaten. Bij een handvol evenementen stond een rare tekencombinatie in de titel, zoals "BCA & ONBOTA" waar gewoon een ampersand hoort. Dat kwam doordat de tekst twee keer beveiligd werd bij het tonen; nu gebeurt dat één keer, op de plek waar het hoort. En een agenda die tijdelijk niets oplevert, houdt zijn knop in de rij staan in plaats van te verdwijnen. Dat klinkt als een detail, maar het is het verschil tussen "die agenda bestaat niet" en "die agenda heeft deze maand even niets".

Bronnen bij dit onderdeel: de agenda's van de deelnemende verenigingen en clubs, waaronder VERON, VRZA, DARES, PI4DEC, VERON afdeling 12 Dordrecht en de contestkalender van WA7BNM.

Ham Nieuws heeft er bronnen bij

Op Ham Nieuws staat het nieuws uit de hobby, samengevoegd uit de bronnen die er toe doen. Daar zijn er deze ronde acht bij gekomen. De belangrijkste: IARU Region 1, de regio waar wij zelf in zitten en waar het bandplan en de beleidsstukken vandaan komen. Tot nu toe stond alleen de wereldwijde IARU erin, en dat is net een stap te ver weg. Verder de satellietkant, met AMSAT en AMSAT-UK, wat mooi aansluit op de ISS-pagina en het bandplan. En dichter bij huis: het nieuws van VERON afdeling 12 Dordrecht.

Daarnaast vier blogs die niet zozeer nieuws brengen als wel verhalen en experimenten: QRPer over portable werken met weinig vermogen, SWLing Post over luisteramateurs en ontvangers, KB6NU over de hobby in de breedte en Zero Retries over de digitale kant.

Bij het zoeken naar die bronnen bleek en passant hoe hard het landschap verandert. Southgate Amateur Radio News, jarenlang dé plek waar het hamnieuws samenkwam, is van het net verdwenen: het domein geeft geen site meer terug. En let op met dkars.nl, het adres van de gestopte vereniging DKARS: dat domein is inmiddels door iemand anders opgepikt en serveerde op het moment van schrijven een gokwebsite. Staat het nog in je bladwijzers, gooi het er dan uit.

Bronnen bij dit onderdeel: de RSS-feeds van de genoemde organisaties en blogs; de volledige lijst met bronnen staat als filter op de pagina zelf.

Vijfduizend frequenties, met toestemming van de luisteraar zelf

Er is een pagina bij, en die is van iemand anders. PD8RSP uit de Alblasserwaard houdt al jaren bij wat hij op zijn ontvangers tegenkomt: ruim vijfduizend frequenties, van een baken op 16,4 kilohertz tot een straalverbinding boven de 12 gigahertz. Maritiem, luchtvaart, zendamateurs, omroep, portofoons en de hele rimboe aan utility-diensten die niemand ooit uitlegt. Per waarneming zocht hij uit wát er nou eigenlijk op die frequentie zit, met naslagwerken en veel geduld, en elke maand werkt hij de lijst bij samen met zijn logs voor de Benelux DX Club.

Dat staat op zijn site als één lange tabel, en dat is precies waar zo'n verzameling in vastloopt: je kunt er alleen met Ctrl-F doorheen. Op Frequentielijst PD8RSP is het nu doorzoekbaar op alles tegelijk, inclusief zijn eigen notities. Je filtert op soort dienst, op mode en op band, en de lijst is gegroepeerd per ITU-band met zijn eigen banddindeling als tussenkop, dus "OMROEP 49 meterband" of "LUCHTVAART Civiel VHF". Bij elke band staat de bijbehorende golflengte. Zoeken werkt zowel op de ruwe waarde als op de leesbare: typ "1,84 MHz" en je vindt het.

Het aardige zit hem in de volgorde waarin dit ging. De pagina was af voordat we het hadden gevraagd, en stond daarom op slot: alleen zichtbaar na inloggen, want zonder toestemming publiceer je andermans werk niet. Vervolgens is hem gemaild wat we hadden gebouwd, met de mededeling erbij dat een nee prima was en dat de pagina dan gewoon weg zou gaan. Hij antwoordde dat hij zijn site destijds juist begonnen is omdat hij die informatie zelf nergens goed kon vinden, en dat het wat hem betreft alleen maar beter is als meer mensen er iets aan hebben.

Dus staat de pagina nu open, met zijn naam erboven, in de menutitel, in de toelichting en bij de bron. De waarnemingen en de duiding zijn van hem; wij maken ze alleen doorzoekbaar. Wie meer van zijn werk wil zien, kijkt op pd8rsp.nl; het logboek zelf staat op pd8rsp.nl/Logboek.html.

Bronnen bij dit onderdeel: het ontvangstlogboek van PD8RSP, overgenomen met zijn toestemming · zijn site: pd8rsp.nl.

De propagatiepagina is omgedraaid

Propagatie is de drukste pagina van de site en dat was te merken: alles stond erop, maar in de volgorde waarin het ooit was aangebouwd. De metingen waar de hele pagina op leunt stonden achteraan, en het antwoord op de vraag waarvoor je kwam moest je zelf bij elkaar zoeken.

De pagina staat nu in de volgorde waarin je hem leest. Eerst de uitkomst, dus wat de banden doen. Dan de metingen waar die uitkomst op rust, met de ionosondetabel vooraan in plaats van als sluitstuk. Daarna wat dat per richting betekent, vervolgens de overige manieren waarop een signaal zich voortplant, en pas achteraan het ruimteweer dat het allemaal aandrijft. Dat laatste is interessant, maar het is de motor, niet het antwoord.

Het cijfer voor de kortegolfcondities heeft diezelfde behandeling gekregen: groter, met de factoren die eraan bijdragen er direct onder, alle meldingen in dezelfde vorm, en de lange verantwoording achter een uitklapper zodat hij er is voor wie hem wil, zonder de rest weg te drukken. Grotere letters ook. En in de uitleg onderaan de pagina staan vier hoofdstukken bij: wat die MUF-paden nu eigenlijk zijn en hoe je de tabel en de kaart leest, wat een ionosonde meet en waarom er wereldwijd nog maar een handvol over is, hoe je het hoogteprofiel leest, en hoe je de straalsimulatie gebruikt, met nadruk op wat er niet in zit.

Bronnen bij dit onderdeel:(n.v.t., eigen werk)

Van één getal naar een echte route

De hoogst bruikbare frequentie stond hier altijd als één getal op de pagina, geldig voor "een pad van 3000 km". Dat is een prima vuistregel, maar het is geen antwoord op de vraag die je werkelijk hebt, namelijk of het richting Japan of richting Brazilië iets gaat worden.

Boven de tabel met paden staat nu een wereldkaart. Elk pad is een grootcirkel vanaf Dordrecht met de sprongpunten erop, de plekken waar je signaal de ionosfeer raakt. Zit daar een ionosonde in de buurt, dan is dat punt gevuld; hebben we het moeten invullen met de waarde van hier, dan is het hol. Daaroverheen ligt de dag-en-nachtgrens, en juist dat maakt in één blik duidelijk waarom het ene pad wel een grayline-opening heeft en het andere niet. De lijnen op de kaart worden met dezelfde berekening gemaakt als de getallen in de tabel, dus die twee kunnen niet uit elkaar gaan lopen.

De tabel heeft er een kolom Ondergrens bij, en dat is misschien wel de nuttigste toevoeging. De MUF zegt hoe hóóg je kunt, maar niet hoe laag: onder een bepaalde frequentie vreet de D-laag je signaal op, ook al staat de MUF de band toe. Die ondergrens werd tot nu toe op één plek bepaald en op de hele route toegepast, wat bij een pad naar Japan neerkwam op een punt in Siberië. Nu wordt hij op elk sprongpunt apart berekend en telt het meest verlichte punt, want dat is de schakel waar je signaal blijft. Daardoor is nu ook te zien wat een grayline doet: ligt de hele route in de schemer, dan valt die ondergrens weg en gaan de lage banden open. Paden waarvoor dat geldt krijgen een badge.

Klik je op een sprongpunt, dan zie je welke ionosondes die waarde hebben gemaakt: welke plaats, hoe ver weg, wat ze zelf meten en hoe zwaar ze meetellen. Staat er niets in de buurt, dan zegt de popup dat met zoveel woorden in plaats van een getal te tonen dat nergens op steunt. In diezelfde geest: een pad waarvoor helemaal geen ionosonde beschikbaar is meldt nu "geen dekking". Daar stond eerst 0,0 MHz met geen enkele band open, en dat las als "dicht" terwijl het "onbekend" betekende. Ontbreekt een deel van de sprongpunten, dan staat er een sterretje bij de MUF met hoeveel er misten. En de stations elders op de wereld, die al die tijd al werden gebruikt om deze paden mee te berekenen maar nergens te zien waren, staan nu in een uitklapper onder de tabel.

Onderweg kwam er een stille fout boven water, en dat is het vervelendste soort. Stations waarvan de meting te oud was werden in de tabel netjes doorgestreept weergegeven, maar ze telden nog wel gewoon mee bij het berekenen van de paden. De pagina zei dus zelf al dat die metingen niet deugden, en gebruikte ze ondertussen toch. Dat gebeurt nu niet meer.

Bronnen bij dit onderdeel: metingen van het wereldwijde GIRO-ionosondenetwerk, via prop.kc2g.com.

Waar gaat mijn signaal eigenlijk heen?

Er stond een grafiek op de pagina die "Ionosfeer Doorsnede" heette en die eerlijk gezegd niets toevoegde: hij tekende een formule uit op basis van twee getallen die vlak eronder al in de tabel stonden. Die is vervangen door een echt hoogteprofiel, gemeten boven Dourbes, de ionosonde die op ongeveer 190 kilometer hiervandaan staat. Je ziet de hoogte tegen de frequentie waarop het plasma daar terugkaatst, met de E-laag en sporadische E als losse gemeten punten erin, en de lagen E, F1 en F2 apart aangegeven. Er staat meteen bij hoe ver je in één sprong komt bij de gemeten laaghoogte.

Daaronder is iets nieuws gekomen waar je zomaar een half uur in kunt blijven hangen: een simulatie met twee schuifjes, frequentie en opstralingshoek, die laat zien waar je signaal heen gaat. De straal buigt door het gemeten profiel en keert om waar het plasma dicht genoeg is, of hij schiet er bovenuit en verdwijnt de ruimte in. Dezelfde frequentie onder andere hoeken staat er dun bij, zodat de dode zone rond je eigen zender zichtbaar wordt, met op de grond de ring waarbinnen die frequentie landt. De rand van die ring is precies de afstand waarop jouw frequentie de MUF wordt.

Sinds kort kun je er ook je antenne bij kiezen, een dipool of een rondstraler, en de hoogte instellen. De stralen krijgen dan de dikte van wat jouw antenne op die hoek werkelijk uitstuurt, met het stralingsdiagram rechtsboven. Daarmee wordt in beeld gebracht wat veel mensen wel weten maar zelden zien: waarom een dipool op 20 meter een prima Europa-antenne is en tegelijk een matige DX-antenne. Voor Japan heb je 2,8 graden nodig, en laat dat nou net de hoek zijn waar zo'n dipool niets uitstraalt.

Wel met een uitdrukkelijke slag om de arm, die ook op de pagina zelf staat: dit is als experimenteel gemarkeerd. De berekeningen erachter worden nog voorgelegd aan mensen die er meer verstand van hebben dan wij. Gebruik het om te snappen hoe het werkt, niet om je antenne op af te rekenen.

Bronnen bij dit onderdeel: het gemeten hoogteprofiel van de ionosonde in Dourbes, via prop.kc2g.com.

Wat er niet klopte op de propagatiepagina

Bij zoveel verbouwing komt er ook een en ander boven water dat er gewoon niet klopte. Vijf dingen, allemaal zichtbaar geweest voor wie de pagina bezocht.

De ergste zat in de bandstatus. Sporadische E kon banden op groen zetten terwijl er helemaal geen sporadische E gemeten was, waardoor 20m tot en met 12m als open stonden aangemerkt bij een hoogst bruikbare frequentie van 12,9 MHz. Dat kan niet allebei waar zijn. De zin bovenaan de pagina liep daarin mee en noemde een band die op sporadische E berustte, met de waarde van de F2-laag erachter. Allebei rechtgezet, en sporadische E telt voortaan alleen nog mee met een meting van hoogstens een uur oud, want zulke wolken leven korter dan dat.

Dan de analyse in woorden. Daar stond elke avond opnieuw "de MUF daalt, condities verslechteren", terwijl de F2-laag na zonsondergang nu eenmaal altijd wegzakt. Dat is geen verslechtering, dat is de avond. Er staat nu bij of de beweging past bij het tijdstip of er juist tegenin gaat, en dat laatste is pas nieuws. De zin over de nacht hing bovendien aan de gemeten absorptie in plaats van aan de stand van de zon, wat op de verkeerde momenten "nacht" opleverde.

Het cijfer voor de ionosfeer heet nu MUF-niveau, want dat is wat het meet: de absolute hoogte van die frequentie. Die zakt elke nacht vanzelf, dus een laag cijfer om drie uur 's nachts betekende niets. Ernaast staat nu of het veel of weinig is voor dít tijdstip, zodra er genoeg metingen per uur verzameld zijn om dat te kunnen zeggen.

De hoogte van de F2-laag werd stilzwijgend op een vaste aanname gezet als een station hem niet meldde. Nu staat erbij of hij gemeten of aangenomen is, en beter nog: als de meting ontbreekt wordt hij afgeleid uit een andere waarde die datzelfde station op datzelfde moment wél levert. Dat vult op dit moment vier van de zes gaten. Klik je op een reflectiepunt, dan zie je welke van de twee het is.

En tot slot twee kleine. In de ionosondetabel stond bij sommige stations "-1" in een kolom die van 0 tot 100 loopt, wat leest als een rapportcijfer terwijl het "geen oordeel" betekent; daar staat nu een streepje, met bij het aanwijzen het verschil tussen "de bron levert geen beoordeling" en "niet beoordeeld". En de tijdlijn van de MUF stond in UTC zonder dat daar ergens iets over stond, wat in de zomer twee uur scheelt. Die staat nu in Nederlandse tijd, met een schaal die de metingen volgt zodat je de beweging ook echt ziet.

Bronnen bij dit onderdeel: metingen van het GIRO-ionosondenetwerk via prop.kc2g.com.

Een magnetische storm zien terwijl hij begint, niet drie uur later

Op Propagatie en Noorderlicht draait veel om één getal: de Kp-index, de standaardmaat voor hoe onrustig het aardmagnetisch veld is. Rustig betekent goede kortegolfverbindingen en geen poollicht; onrustig betekent het omgekeerde van allebei. Dat getal heeft alleen een eigenaardigheid die zelden wordt uitgelegd: het is een waarde per drie uur, en hij is pas klaar als die drie uur voorbij zijn. Begint er om tien over twee 's middags iets, dan staat dat pas na drie uur in het cijfer.

Er blijkt een tweede getal te bestaan dat hetzelfde meet, van hetzelfde observatorium en op precies dezelfde schaal, maar dan elke dertig minuten. Dat staat er nu bij, op beide pagina's.

Het verschil is geen theorie. Vannacht kwam de half-uurswaarde uit op 5,00, de drempel waarboven van een geomagnetische storm gesproken wordt. Het drie-uursgemiddelde over exact diezelfde periode kwam uit op 4,3, net eronder. Dezelfde meting, hetzelfde instituut, en toch verdween de piek in het gemiddelde. Precies dat soort momenten wil je zien als je op de banden zit of buiten staat te kijken.

Op Propagatie staat er nu een grafiek van achtenveertig uur met alle half-uurswaarden naast elkaar, waarin geel gemarkeerd staat waar "nu" zit, zodat je niet hoeft te zoeken. Het getal telt ook mee in de conditiescore, maar bewust alleen voor het verschil met de gewone Kp. Beide meten hetzelfde veld, dus dezelfde storing twee keer laten meetellen zou het cijfer onnodig omlaag trekken. Wat er wél in verwerkt wordt is de voorsprong: wijst het snelle getal op iets wat het trage nog niet laat zien, dan zakt de score alvast, en is de storing alweer aan het uitwerken terwijl de trage waarde nog de piek toont, dan gaat hij weer wat omhoog. Wat er precies mee gebeurt staat in de uitleg onderaan de pagina, in de tabel waarin de hele berekening open ligt.

Op Noorderlicht doet het iets anders. Daar stond het grote getal al op een schatting die elke minuut wordt bijgewerkt, want als er iets gebeurt wil je dat meteen weten. Die snelheid heeft een prijs: het is een berekening, geen meting, en die schiet af en toe uit. Daar staat nu de gemeten half-uurswaarde naast, en de pagina zegt er ook bij wat de twee samen betekenen. Bevestigt de meting de schatting, dan is het echt. Staat de schatting hoger, dan kan dat een net begonnen piek zijn of een uitschieter, en weet je dat je nog even moet kijken. Er staan daarmee drie lagen naast elkaar: de snelle schatting van elke minuut, de gemeten waarde van elk half uur, en de officieel bevestigde waarde van elke drie uur.

Eerlijk blijven over wat het niet is: ook dit half-uursgetal is geen live meting. Het wordt een half uur tot een uur na afloop van de gemeten periode gepubliceerd. Dat is geen "nu", maar het is wel een stuk minder achterstand dan de drie uur die we gewend waren, en dat scheelt op beide pagina's precies op de momenten waar het om gaat.

Aanleiding was overigens een vraag over de ruimteweer-viewer van het KNMI, en of daar iets bruikbaars in zat. Dat bleek zo te zijn, al staat het er niet zelf: de gegevens komen van het geomagnetisch observatorium in Niemegk. Die halen we sindsdien rechtstreeks bij de bron op.

Bronnen bij dit onderdeel: de half-uurs geomagnetische index van het GFZ Helmholtz Centre for Geosciences, observatorium Niemegk (CC BY 4.0) · de ruimteweer-viewer van het KNMI als aanleiding.

Onder de motorkap

Niet alles wat er in deze ronde is gebeurd, is te zien. Zo is ook de module waar deze nieuwsberichten zelf uit komen onder handen genomen, met één merkbaar gevolg: de berichten sluiten nu beter aan op zoekmachines.

Dat klinkt saaier dan het is. Een bericht dat hier verschijnt, is voor een zoekmachine niet meteen zichtbaar: die moet toevallig langskomen om te ontdekken dat er iets nieuws staat, en dat kan dagen duren. Nu gaat het andersom, zodra een bericht wordt gepubliceerd, meldt het zichzelf aan. En verandert er later nog iets aan, dan gebeurt dat opnieuw, zodat een zoekmachine niet maandenlang een oude versie blijft tonen. Dat laatste is voor een site als deze eigenlijk het belangrijkste: hier wordt geregeld een bericht bijgewerkt als er nieuwe informatie is.

Geen zorgen overigens dat het die kant op gaat waar het internet zo moe van wordt: er komen geen teksten die voor een zoekmachine geschreven zijn in plaats van voor jou. Het gaat er alleen om dat wat er staat, ook gevonden kan worden.

Bronnen bij dit onderdeel:(n.v.t., eigen werk)

Tot deel 5 .. want we zijn er nog niet!


Delen

Meer nieuws

Laatst gewijzigd